Ondernemersvragen: Marlies Bax over haar favoriete boek, een misvatting over tekstschrijvers en de fiets

Fotocredits: With Lou Photography / Marlou Hensen

Een blik op het digitale CV van Marlies Bax zegt al genoeg. Deze vrouw koos ‘t gewoon allemaal: creatief schrijver, copywriter, journalist, redacteur, vertaler en wat al niet meer. Geef haar een woord en ze maakt er een verhaal van. Inclusief nuchtere knipoog. Online maakt ze de wereld een beetje mooier als social media poëet en offline vindt ze haar inspiratie in restaurants en cocktailbars. Met bijna tien jaar werkervaring besloot Marlies dat het tijd was om zelf het heft in handen te nemen als freelance schrijfster. Nu organiseert ze o.a. (online) schrijfcursussen waarmee ze ondernemers helpt hun merkstem te vinden en hobby-auteurs nieuwe schrijftechnieken aanleert. Allemaal onder het genot van een glas wijn. En daar kunnen wij ons helemaal in vinden.

Wat is je lievelingsboek?
Hoe schandalig is ‘t als ik Belinda Blinked 2 van My Dad Wrote a Porno zeg? Ik heb gewoon nog nooit zo hard gelachen. Eerlijk gezegd mis ik voor romans vaak het geduld. Ik kan heel slecht stilzitten. Maar echt héél slecht. En dat is al best een uitdaging als je voor je vak ‘t grootste gedeelte van de dag in een scherm zit te turen, laat staan dat ik me ook nog eens ‘s avonds met een boek en thee in een stoel zou nestelen. Daarom lees ik het liefst als ik reis of luister ik boeken tijdens het hardlopen of fietsen. Herman Finkers’ ‘De cursus Omgaan met Teleurstellingen gaat wederom niet door’ is een eeuwige favoriet. Nu lees ik ‘A Year of Biblical Womanhood’ waarin Rachel Held Evans de Bijbelse visie op vrouwelijkheid onderzoekt en de regels die ze tegenkomt zo strikt mogelijk opvolgt om ze binnen het moderne Christendom opnieuw een plek te geven. Klinkt taai maar is om je buikspieren zuur aan te lachen. Rachel schrijft met een droogkloterige beeldendheid waar ik stikjaloers op ben. Andere lievelingen: De graphic novel ‘Een deken van sneeuw’ van Craig Thompson en Huib Modderkolks boek over de huidige digitale wapenwedloop, ‘Het is oorlog maar niemand ziet het’.

Ben je liever alleen of in gezelschap?
Ik noem mezelf altijd een verlegen extravert. Ik loop leeg tussen hordes vage bekenden, maar ondertussen gil ik na een avondje kluizenaren direct dat ik mensen MOET zien. En om de een of andere reden raak ik op feestjes uiteindelijk altijd in diepe gesprekken over ’t leven met totale vreemden. Het liefste praat ik nachten vol met een goede vriend of een klein groepje mensen. Fles whisky of wijn erbij. Klaar. Het zijn die momenten dat alle filters uit gaan en je ‘t hebt over dingen die er daadwerkelijk toe doen. Ik haat smalltalk.

Wat is een misvatting over tekstschrijvers?
Dat goede schrijvers bovenal goede spellers zijn. Zoveel mensen laten zich verlammen door dat idee. ‘Ik kan niet foutloos spellen’ ergo ‘ik kan niet schrijven’. En die gedachte klopt op zoveel fronten niet. We verliezen ontelbare ideeën en zoveel potentiële vertellers aan die spellingsfaalangst, terwijl schrijven bovenal gaat om het verhaal dat je met woorden bouwt. Spellingsregels leert uiteindelijk iedereen echt wel door gewoon te doen. Gewoon te durven

Waar ben je het meest trots op?
Ik ga even 103 jaar oud klinken – hold my advocaatje – maar ik kan moederlijk trots zijn als oud-stagiaires en vroegere junioren stukken publiceren of bijzondere banen vinden. Dat ik ook maar een flintertje aan hun succes bij mag dragen, dat is ‘t allermooiste om te doen.  

Wiens verhaal wil jij graag vertellen?
Mijn eigen. Niet dat ik de ijdeltuiterige illusie heb dat mijn leven het vertellen waard is hoor. Het tegendeel. Ik zoom in gedichten graag in op ’t mooie van het gewone. Croissantkruimels in bed, ’t gepiep van mijn eerste stadsfiets, de chaos die je de ochtend na een goed feestje aantreft in huis. Onder een vergrootglas zijn ze plots veelzeggend. Ik hoop er ooit een complete bundel mee te vullen. En buiten mezelf om: als ik ooit Lin Manuel Miranda mag ontmoeten om een stuk over hem te schrijven, dan ben ik eerst even een maand janken van geluk. Wat deze man met woorden kan… I just want to be in the room where it happens.

Hoe houd jij je staande in de Coronacrisis?
Met heel veel daytime drinking. Grapje. Heus niet… wel. Eigenlijk moest ik heel snel creatief worden. Ongeveer elk project viel stil. In de tien jaar dat ik werk, leerde ik ook tien jaar lang mensen hoe ze beter konden schrijven. Ik liep al lang met het idee om die lessen als freelancer aan te bieden. Nu werd ik er haast toe gedwongen. En zo lanceerde ik twee verschillende schrijftrainingen onder de ‘Ha-ha. Je hebt geen excuus meer’-campagne, waarbij iedereen tot eind april betaalt wat hij kan missen. Binnen een paar dagen waren bijna alle eerste sessies al vol. Vanaf mei ga ik maandelijks een andere les aanbieden.

Wil je als afsluiter een gedichtje met ons delen?
Altijd. Een oude favoriet over mijn eerste stadsfiets.

De fiets
Een lieflijk piepje in de trapper
en de ketting slaat de beat.
Als het spatbord dat wat loshangt
het van een melodie voorziet.
Een spaak die zachtjes tikkend
de maat voor me indeelt.
Terwijl het oude keien straatje
de kapotte bel bespeelt.

Roest en schroot in een harmonie.
Zo fiets ik elke ochtend
mijn barrelsymfonie.